PROSPECTS: Frank Coenegrachts

Bijgewerkt: nov 25

Eén van de geselecteerde kunstenaars voor online expositie ‘Prospects’ is Frank Coenegrachts. Limburg Cultuurt ging daarom met hem in gesprek over zijn kunstenaarschap. Dat leidde onder meer tot een vurig betoog voor het ambacht, waarin hij de elitaire kunstcritici als een banaan tegen de muur plet.

Hoe heb je jezelf gevormd als kunstenaar?

“Ik ben volledig autodidact. Ik ben gewoon begonnen, heb me laten adviseren door andere kunstenaars uit het heden en verleden en heb mijn eigen weg gevolgd. Ik ben wel altijd creatief geweest. Als kind tekende ik en hiervoor was ik interieuradviseur. Het heeft er dus altijd ingezeten, maar door tijdgebrek heb ik er tot een kleine tien jaar terug weinig mee gedaan.

Soms heb ik spijt dat ik er niet vroeger mee begonnen ben en dingen heb laten liggen, maar dan vraag ik me af of ik er toen wel klaar voor was. Ik ben misschien wel een laatbloeier in de kunsten, maar je moet ook een bepaalde bagage hebben om sommige dingen te kunnen maken.”


Wat was het waardoor je jezelf hebt overgegeven aan het schilderen?

Ik moet eerlijk zeggen dat ik voorheen niet zo vaak de kunst ging opzoeken in musea, mijn interesse in die wereld is pas later gekomen. Het is door omstandigheden en een bepaalde fase in mijn leven dat ik mij creatief, maar vooral compromisloos wilde uiten en ben zo begonnen met schilderen.

Op een zeker moment heb ik een tentoonstelling bijgewoond van Michael Borremans en was daar zo onder de indruk van dat hij me onrechtstreeks die push heeft gegeven om verder te gaan, om goed te willen zijn. Ook op technisch vlak, niet alleen in het uitbeelden. De extra motivatie van die tentoonstelling had ik toen nodig.”


Wat is de gedachte die tot je kunst leidt?

“De mens als kwetsbaar individu staat centraal in mijn schilderijen, zowel visueel als psychologisch. Ik probeer daarmee een rust en intimiteit op te wekken. Zo creëer ik een subtiel geladen realiteit. Een ‘boodschap’ is misschien wat veel gezegd, maar ik probeer in ieder stuk wel iets te zeggen. Er zit verder niet veel bedoeling achter, dat is aan de toeschouwer.”



Hoe zit jouw creatieve proces in elkaar?

“Ik verzamel allemaal beelden. Ik ga op zoek naar zwart-wit foto’s uit het verleden. Ik ben wat nostalgisch van aard, ik houd van beelden uit de jaren ’30, ’40, ’50. Maar het kan ook van een film zijn. Ik sla ze allemaal op, honderden foto’s. Het proces begint bij het beeld, dan pas komt het schilderen. Daar zit ik echt in het thema en begint het psychologische te werken.”


Je lijkt telkens vast te houden aan eenzelfde kleurenpalet. Hoe heeft die stijl zich zo ontwikkeld?

“Ik schilder nat-in-nat, dat wil zeggen dat ik als het ware de kleuren bijna op doek kan mengen. Het voordeel is dat ik altijd kan doorwerken zonder het drogingsproces in acht te nemen. Het is ook een meer impulsieve manier van werken.

Ik heb natuurlijk wel al een bepaalde lijn, maar gaandeweg kan die veranderen. Meestal onbewust kom ik telkens weer in diezelfde tinten terecht. Een voordeel is dat zwart-wit foto’s je vrijlaten in de keuze van kleuren.”


Waar leg je in het bijzonder nadruk op in je werk?

“Ik wil enerzijds een beeld creëren dat tot nadenken stelt, door dingen toe te voegen die voor mij heel persoonlijk zijn, waarvan soms niet iedereen begrijpt waarom ik dat heb toegevoegd. Daarom vind ik de titel ook belangrijk, om mensen op weg te helpen het werk te begrijpen.

Anderzijds vind ik het belangrijk dingen weg te laten. Door juist niet een deel van mezelf erin te verwerken, maar de toeschouwer iets te laten toevoegen dat hij niet ziet. Alles laten zien maakt het soms minder krachtig. Het is zoals met een radiopresentator waar je alleen maar de stem van hoort; daar ga je ook een voorstelling bij maken.”



Verwacht je aan deze stijl vast te houden?

“Het figuratief schilderen zal ik altijd blijven doen. Ik heb ook mijn Motifs serie, gebaseerd op tapijten, en ‘Reworks’. Die laatste is wel afgerond. Ik heb die afwisseling nodig.

De Reworks serie heb ik gemaakt als eerbetoon aan de 17e en 18eeeuwse portretschilder. Tegenwoordig wordt er nog weinig belang aan portretkunst gegeven en als een soort kitsch afgedaan. Dat is jammer, want het waren erg goede schilders.

Op dat vlak ben ik wel conservatief. Ik vind dat we in een tijd leven waar kennis en techniek steeds minder van waarde zijn. Het probleem daarmee is dat technisch goede dingen in de vergetelheid raken.

Soms krijg ik een uitnodiging om naar een tentoonstelling te gaan. Dan worden veelal dezelfde kunstcritici opgetrommeld om een uiteenzetting te doen die zo van de pot gerukt is dat de gemiddelde liefhebber er niks meer van begrijpt. Dan stel ik de vraag: is dat echt nodig?

Het maakt kunst ook elitair, mensen die er lichte interesse in hebben haken af. Er mag uitleg of een uiteenzetting worden gegeven, maar soms heb ik het idee dat de gedachte belangrijker is dan het werk zelf. Ik denk dat de toeschouwers veel te veel gestuurd worden door de kunstcritici. Ze moeten zelf maar een oordeel vellen.

Ik vindt dat het soms wel eens de spuigaten uitloopt op dat vlak, dat zullen misschien niet veel kunstenaars durven zeggen. Ik ben wel eens een zaal uitgelopen tijdens een uiteenzetting. Misschien is dat niet zo respectvol, maar wel eerlijk.”

Wat is de rol van de kunstenaar in de samenleving?

“De kunstenaar is vanaf het prille begin van ons bestaan belangrijk geweest in de samenleving, dat zal ook altijd zo blijven. Kunst confronteert als mens naar de samenleving toe en geeft expressie aan de eigen tijd. Het zal altijd een vorm van communicatie zijn van de tijd waarin we leven.

Kunst en architectuur zijn zo belangrijk in de geschiedenis dat ze zelfs de tijdvakken bepalen: de oudheid, de primitieven, de renaissance, barok, en moderne tijd. Als er over geschiedenis wordt gesproken, gaat dat altijd aan de hand van de kunst van die periode.”


Zie je in je eigen kunst dan ook een reflectie van deze tijd?

“Ja, eigenlijk wel. Niet in alle dingen, maar bijvoorbeeld in Hybrids en Turn Clockwise. Ik hoor meer en meer van mensen dat ze vermoeid raken door de snelle tijd. Dat zie je terug, zoals je een batterij met een stekker in het stopcontact moet opladen of een pop met een schroef moet opwinden om de volgende dag weer aan te kunnen. Vanuit zowel mezelf als de samenleving dus.”

Toch ligt de basis van veel van je schilderijen in het verleden, door het gebruik van zwart-wit foto’s of historische series. Hoe verklaar je dat?

“Qua sfeer en stijl zie je dat deze tijd meer in your face is, de directheid is veel groter. Ik stoor me daar soms aan. De pixels worden ook almaar scherper en duidelijker. Bij beelden van oude films zit er nog een waas over. We leven in een maatschappij waar niet alleen in beeld, maar ook mensen zelf steeds directer in hun repliek zijn.

We worden in de mediawereld ook niet meer overgelaten aan onze eigen fantasie, het is allemaal veel explicieter. Iedereen heeft een mening en lange tenen. Er zijn geen nuances meer. Het is heel confronterend dat wel even verteld wordt hoe het zit. Ik probeer die dingen zelf terug te geven in mijn eigen werk. Het hoeft allemaal niet zo scherp en direct.”

Waar ben je nu mee bezig?

“Ik heb nu pas een tentoonstelling gedaan, dus ben nu even met niks bezig. Het is wel zo dat ik na een tentoonstelling wat stilval. Daarvoor wordt er nog krampachtig gewerkt, maar dan is het wat stoom afblazen, herbronnen en geleidelijk aan weer beginnen.” Playlist: https://open.spotify.com/playlist/4Jfqvv2k1tyasdHDM4hqE4 - Thijs de Veen - Met dank aan Frank Coenegrachts -

159 keer bekeken
 

©2020 door Limburg Cultuurt. Met trots gemaakt met Wix.com