Zoeken
  • Limburg Cultuurt

Op interview met ... Bert Daenen

Bert Daenen maakt van portretfotografie weer een kunstvorm. Tijdens het dieptepunt van het coronavirus maakte hij honderd portretten met getuigenissen van zorgmedewerkers. Binnenkort opent naar aanleiding hiervan de expositie ‘Achter het Masker’. Limburg Cultuurt ging met hem op gesprek.


Hoe heb je het pad van fotograaf tot nu toe bewandeld?

“Ik ben al bijna vijftien jaar actief als fotograaf. Ik begon met de meer klassieke commerciële fotografie, maar heb altijd een voorliefde voor portretfotografie gehad. Het is sinds twee jaar dat ik me daar sterk op heb toegelegd, ook in de ontwikkeling van een eigen stijl.

Ik ben op een soort queeste naar het pure portret en blijf daar continu aan voortwerken. Echte portretfotografie in de klassieke zin van het woord zie je nog maar weinig. Portretten zoals van begin 1900 en uit de schilderkunst zijn wat verloren gegaan. Daar ben ik op gefocust.

Mijn werk werd opgepikt door cultuurfestival ‘MoMeNT’ in Tongeren, zo ben ik vanzelf in de kunstwereld terechtgekomen. Sindsdien plaveit de weg zich vanzelf: elke expositie die ik heb gedaan leidde telkens weer tot een volgende.”


Waarom heb je specifiek voor portretfotografie als kunstvorm gekozen?

“De basis ligt bij mijn vader, die was portretfotograaf in Tongeren. Ik heb de liefde voor de portretfotografie als kind meegekregen; de interesse in het medium is er altijd geweest. Die basis werd verder ontwikkeld tijdens mijn opleiding aan de kunstacademie.

Ik kan ook niet tekenen of iets dergelijks. Maar door goed te kijken en luisteren naar andere kunstdisciplines merk ik dat mijn werk groeit, ik kijk heel bewust veel breder dan alleen naar fotografie.”



Hoe werd je geïnspireerd tot het maken van dit project?

“Er ligt altijd een thema, gevoel of gedachte aan de basis van een reeks. Met de lockdown vielen alle projecten stil, overal kwam een vraagteken bij, met de vraag of die hierna nog wel opgepikt zouden worden. Intussen had ik niks te doen, maar voelde wel een sterke drive om bezig te blijven.

Overal was applaus en waardering voor de zorg, dat vond ik uiteraard mooi. Maar applaudisseren in je tuin is erg vluchtig. Ik wilde die waardering vastleggen, hun verhaal vertellen. Er wordt gesproken met de generieke term ‘de zorg’: een anonieme groep. Ik wilde ze een gezicht geven en hen ondersteunen door hun verhaal te vertellen.”

Heb je door het maken van deze serie een eigen inzicht ontwikkeld over de waardering voor deze mensen?

“Ik heb niet de bedoeling met deze reeks om financiële onderwaardering van de zorg of iets dergelijks aan het licht te brengen. Daar voel ik me niet toe geroepen en heb ik geen kennis van. Ik geef alleen mijn uiting van waardering voor wat ze gedaan hebben, op mijn manier.”



Welke keuzes heb je gemaakt bij het ontwikkelen van je eigen aanpak?

“In portretfotografie heb ik eigenlijk heel expliciet voor één bepaalde stijl gekozen. Met alles waarmee ik de laatste 2 jaar bezig ben geweest – ook andere reeksen – heb ik dat consequent toegepast.

Mijn werk gaat in essentie altijd over stilte, sereniteit, eenvoud: de zoektocht naar het pure portret. Ik ben van mening dat de techniek die ik toepas de aandacht maximaal naar die persoon en haar karakter moet trekken. Daar is de techniek op gericht.”

Bij een vorig project werd je stijl niet vergeleken met andere fotografen, maar met kunstschilders uit de Gouden Eeuw als Rembrandt en Vermeer. Gebruik je die vergelijking met portretschilderen zelf ook in je werk?

“Dat heeft zeker een duidelijke invloed in mijn werk. Je ziet wel dat er ook een tijdloosheid in hun werk zit. In de technieken die zij gebruiken, bijvoorbeeld de klassieke Rembrandt belichting.

Het is niet voor niets dat die schilderijen nog altijd heel sprekend zijn en de tand des tijds hebben doorstaan. Dat wil ik ook bereiken: het tijdloze. Bij commerciële fotografie kun je zien of het beelden uit de jaren ’70, ’80, of ’90 zijn. Ik probeer weg te blijven van enige trend en dan grijp je automatisch terug naar oude technieken.”

Is er iets dat je deze personen vertelt of vraagt voordat je ze fotografeert?

“Ja, dat is heel belangrijk, 90 procent van het werk zelfs. De techniek zit in mijn vingers, daar hoef ik allemaal niet over na te denken. De sfeer, de communicatie met het model, de rust die je zelf uitstraalt, de muziek, de tijd nemen, dat bepaalt allemaal enorm het eindresultaat.

Ik zeg niet teveel, het gaat vooral om contact maken en op het gemak stellen. Ik krijg regelmatig feedback tijdens een fotoshoot dat ze er heel rustig van worden, dat is extreem belangrijk denk ik.”


De tijdloosheid is een doel in je werk. Als over lange tijd deze serie nogmaals wordt bekeken, hoe zou dat zich dan vertalen in relatie tot de uitzonderlijke situatie waarin het gemaakt is?

“Deze reeks is in die zin een uitzondering, dit is meer een reportage reeks dan mijn ander werk. Het is heel bewust het vastleggen van een gebeurtenis van een periode die in de geschiedenisboeken terecht zal komen. In die zin linkt deze reeks dus wel aan een specifiek moment in de tijd.

Ook de mondmaskers en dergelijke maken het tijdloze aspect iets minder uitgesproken, maar voor de rest ben ik zo trouw als mogelijk gebleven aan mijn portretstijl.”


Heb je het gevoel met dit project vorm te hebben kunnen geven aan jouw ervaring met deze pandemie?

“Ik ben eigenlijk vooral heel blij dat ik iets heb kunnen doen. Ik hoop – en dat zal blijken op de expo – dat mensen uit de zorg en hopelijk nog breder iets eraan hebben om deze periode te verwerken. Dat zou mooi zijn.”

Kunst onder zware omstandigheden wordt misschien doorgaans wel extra gewaardeerd. Denk je dat het coronavirus op die manier ook positieve effecten zou kunnen hebben voor de kunst?

“Dat denk ik wel. Ik weet heel goed dat veel kunstenaars het heel zwaar hebben en dat dat waarschijnlijk nog lang zo blijft. Aan de andere kant hoop ik ook dat het publiek dat niet naar expo’s gaat maar dit wel bezoekt, ontdekt wat kunst kan doen in een situatie als deze en dat daardoor – al zijn het er maar een paar – de ogen opengaan voor het belang van kunst.”



Ga je hierna misschien wel vaker kiezen voor een geëngageerd thema als dit?

“Ja, mogelijk wel. Ik heb wel geleerd dat het een extra dimensie aan het werk geeft. Ik was positief verrast door mijn vorige expo waar ik merkte dat ik echt mensen kan raken. Soms leidde het zelfs tot mediteren, een ongelooflijk effect.

Maar hiermee merk ik nu al aan reacties dat het nog verder gaat. Door hun verhaal naar buiten te brengen is het meer dan enkel een mooie portretreeks.”

Bert Daenens expositie ‘Achter het Masker’ is vanaf 17 juli tot en met 2 augustus te zien in het Refugehuis te Hasselt. Voor meer info, of wil je meer van zijn werk zien, bezoek https://www.hetportret.be/. - Thijs de Veen -

0 keer bekeken
 

©2020 door Limburg Cultuurt. Met trots gemaakt met Wix.com